De moralisering van het klimaatdebat
Nu de klimaattop van Kopenhagen enkele weken achter de rug ligt, is er ruimte ontstaan om te ontsnappen aan de klimaathype zonder te vervallen in klimaatscepticisme à la George. W. Bush en Vaclav Klaus. Kritische analyse over de complexe oorzaken en gevolgen van het menselijke handelen en onze globale politieke en economische structuren hebben de plaats terug ingenomen van het eenzijdige moralistische discours waarbij iedereen die ook maar een klein vraagteken durfde te plaatsen bij gangbare wetenschappelijke en politieke beweringen met betrekking tot ons klimaat werd gedemoniseerd als een reïncarnatie van het absolute kwaad. Een acute bedreiging voor goddelijke profeten onder leiding van Bono en Al Gore die zich belangeloos en kosteloos inzetten voor het voortbestaan van de gehele mensheid.
Deze omslag verloopt echter niet zonder slag of stoot. Een onderdeel van een realistische en geloofwaardige benadering van het klimaatprobleem impliceert het bekritiseren van bestaand wetenschappelijk onderzoek en het op de rooster leggen van politieke beweringen en voorstellen. Het is bijgevolg niet toevallig dat nu ook het gerenommeerde IPCC (Intergovernmental Panel on Climate Change) blootgesteld werd aan kritieken. Zo werd er onder andere door de Nederlandse minister van Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, Jacqueline Cramer, gewezen op een jammerlijke fout in het Fourth Assesment Report gepubliceerd in 2007. Daarin staat geschreven dat het Nederlands grondgebied niet minder dan 55 procent onder de zeespiegel ligt en dat er binnen dit territorium 65 procent van het Nederlandse bruto binnenlandse product gegenereerd wordt. Deze informatie strookt echter niet met de realiteit. Volgens het Nederlands Centraal Bureau voor de Statistiek ligt “amper” 26 procent van Nederland onder de zeespiegel en is deze regio goed voor 16 procent van het Nederlandse binnenlands product. Samen met andere kritieken op het IPCC, alsmede andere controversen zoals gelekte mails waarin klimaatwetenschappers openlijk toegaven dat gegevens met betrekking tot de resultaten van klimaatonderzoek hadden gemanipuleerd lijken de recente aanvallen op het IPCC een zoveelste klap voor de strijd tegen de opwarming van de aarde.
Bezorgdheid over de recente ontwikkelingen zien we in de reactie van de Belgische minister van energie , Paul Magnette, in De Morgen van 5 februari. Terecht houdt hij een pleidooi voor het depolitiseren van het klimaatdebat. Zeer achtenswaardig zijn ook zijn boodschap om wetenschappelijke kritieken binnen hun juiste context te plaatsen, zijnde een normaal gegeven binnen een wetenschappelijk proces en zijn benadrukking van de verwezenlijkingen die het IPCC en andere organisaties tijdens het eerste decennium hebben gerealiseerd om de invloed van het menselijk handelen op ons klimaat beter in beeld te krijgen. Echter, na het lezen van het opiniestuk van Paul Magnette blijven we achter met enkele pertinente vragen. Is het immers niet paradoxaal dat een vooraanstaand politicus oproept tot een depolitisering van het klimaatdebat? Deze vraag wordt des te meer relevant aangezien Magnette zeer duidelijk te kennen geeft wat zijn positie is met betrekking tot de lopende wetenschappelijke onderzoeken. Iedere kritiek op het IPCC verklaart hij weg door het te plaatsen onder de noemer van het klimaatscepticisme. Op indirecte wijze verwijst hij naar netwerken en lobbies georganiseerd door klimaatsceptici als een obscure en formidabele kracht die tracht te tornen aan een” bestaande wetenschappelijke consensus” en de hieruit voortvloeiende politieke consequenties zoals vastgelegd tijdens de klimaatonderhandelingen in Kopenhagen.
Het standpunt van Magnette is bovendien niet alleen paradoxaal omdat hij als politicus oproept voor een depolitisering van het klimaatdebat. Het is ook tekenend voor het moreel manicheïsme dat het klimaatdebat zo sterk heeft bepaald. Wetenschappelijke analyses worden beoordeeld volgens het morele kader goed versus fout of deugdzaamheid versus het ultieme kwaad. Wanneer Al Gore publieke emoties bespeelt dan heet dat een gigantisch voorbeeld van verlicht publiek engagement en het toonbeeld van een progressieve politiek die zich inzet voor de gehele mensheid. Wanneer kritische wetenschappers zoals de Deen Bjorn Lomborg kritische kanttekeningen plaatsen bij wetenschappelijk onderzoek en politieke stellingen dan worden ze stante pede het onderdeel van een diabolisch en gevaarlijk netwerk van klimaatsceptici die onderdeel uitmaken van een industriële en kapitalistische lobby die streeft naar de definitieve apocalypse. Het mag duidelijk zijn dat een dergelijke moralistische benadering weinig zoden aan de dijk brengt. Ten eerste geraakt het debat steeds meer verzand in een bitsige stellingenoorlog waarbij over en weer schandalen en beschuldigen worden gelanceerd die wetenschap reduceren tot een tribale oorlogen tussen primitieve stammen. Ten tweede ontstaat er steeds meer het beeld van klimaatwetenschappers en politici die boven de hoofden van de kennis en het bevattingsvermogen van de gewone mensen goochelen met wetenschappelijke argumenten (zowel voor als tegen de menselijke invloed op de opwarming van de aarde) op basis van politieke en moralistische idealen in plaats van een ideaal van objectiviteit en neutraliteit.
Zowel in het belang van de mensheid in het kader van het zoeken naar concrete en werkbare oplossingen om de leefbaarheid van onze planeet te verzoenen met politieke en economische ontwikkelingen binnen het globale moderniseringsproces als in het belang van de geloofwaardigheid van wetenschappers is het bijgevolg niet alleen wenselijk dat het klimaatdebat gedepolitiseerd wordt maar ook ontdaan wordt van zijn morele dimensie. Daarbij moeten we ons blijven herinneren aan de les van de wetenschapsfilosoof Karl Popper. De sterkte van wetenschap ligt niet in het leveren van definitieve bewijzen maar het in het permanent weerleggen van bestaande gegevens en conclusies.
Gepost: februari 6th, 2010 onder Zonder categorie door Christophe Andrades.
Comments: 7
Comments
Comment from johan bosmans
Time: 06/02/2010, 18:58
Een ideaal van objectiviteit.
Daar gaan we weer.
Comment from Kweetal
Time: 07/02/2010, 11:32
De sterkte van de wetenschap ligt toch op de eerste plaats in het genereren van acceptabele hypothesen, dat wil zeggen: hypothesen die toetsbaar zijn en waaruit consequenties voor de praktijk kunnen worden getrokken. Verder onderscheidt de wetenschap zich van bijvoorbeeld de politiek door een systeem van onderlinge controle, met als gevolg een groot zelfreinigend vermogen.
Waarom zou een politicus niet mogen pleiten voor depolitisering van het klimaatdebat? Is het soms de plicht van een politicus om alles wat er op zijn weg komt in politieke termen te vertalen? Ik denk dat een politicus die streeft naar apolitieke grondslagen van zijn handelen juist de taak van een politicus zo goed mogelijk waar maakt, namelijk beslissingen nemen, gebaseerd op de best mogelijke beschikbare argumenten.
Comment from Christophe Andrades
Time: 07/02/2010, 12:27
Het is volgens mij toch wel duidelijk dat een politicus, zeker als hij minister van energie is, wanneer hij oproept tot het depolitiseren van het klimaatdebat een politieke daad stelt. Anders moet hij het bewuste opiniestuk maar schrijven als betrokken burger of een andere hoedanigheid. Dan kan hij inderdaad het signaal geven dat zelfs een minister niet noodzakelijk alles in politieke termen moet of kan vertalen. Op dit punt heb je helemaal gelijk. Kijk maar naar de aanstelling van Bill Clinton en G.W. Bush als coordinatoren voor de VN hulp in Haïti. Maar dan toch met de proviso dat geen van beiden nog een uitvoerend mandaat bekleedt.
In dit geval wordt deze stelling bovendien overduidelijk omdat Magnette een bepaalde wetenschappelijke consensus verheft tot onaantastbaar en onomstotelijk bewezen en door iedere vorm van kritiek af te wijzen als onderdeel van een obscure complettheorie van een antiklimaatlobby. Dezelfde grap werd twee maanden ook al uitgehaald door Sarah Palin maar dan vanaf de andere kant van het politieke spectrum.
Je zou als politicus misschien kunnen zeggen “dit is een wetenschappelijk debat dus ik hou me er buiten, ik eis voor de depolitisering en daarna trek ik basis van de wetenschap politieke consequentie”. Echter, in dit geval vraagt Magnette enerzijds voor depolitisering van het klimaatdebat, terwijl hij anderzijds ingrijpt binnen het wetenschappelijk proces. Absurder moet het niet worden.
Comment from Kweetal
Time: 07/02/2010, 13:29
Sorry, ik ben helaas niet goed op de hoogte van wat er in België speelt. Vandaar dat ik meer in algemene termen reageerde. In Nederland heeft ook de politiek op de problemen rond het IPCC rapport gereageerd, en heeft de betrokken minister geëist dat ze blind zou moeten kunnen varen op zo’n rapport. Wat natuurlijk ook een absurde eis is, zeker voor een minister die uit de wereld van de wetenschap afkomstig is. Blind varen kun je zelden in de politiek, ook niet op wetenschappelijke rapporten. Als uitvoerend politicus heb je natuurlijk je eigen verantwoordelijkheid en kun je je vaak niet de luxe permitteren te wachten totdat de wetenschap er uit is.
De bal ligt nu in het kamp van de politiek, en die zal moeten beslissen, ook al staat nog niet alles voor 100 % vast. En als men wijs is kiest men voor een tactiek die grote risico’s zoveel mogelijk beperkt. Beter gefaald naar de veilige kant dan naar de onveilige kant. Daarbij nog afgezien van dat we op de lange termijn toch naar een duurzame samenleving toe zullen moeten, klimaat of geen klimaat.
Comment from Wouter
Time: 07/02/2010, 15:30
De depolarisering in het klimaardebat tussen klimaatgelovers en klimaatsceptici vindt plaats door de gezamenlijke aanval op het IPCC. Nu nog de depolitisatie en het debat verkeert weer in een tabula rasa toestand, de bal weer op de middenstip, stand 1-1.
Comment from Chris
Time: 11/02/2010, 11:58
Christophe,
Met je stellingname kan ik alleen maar instemmen. De demonisering van klimaatsceptici is verontrustend. De roep om het debat te ‘depolitiseren’ en ruimte te bieden aan ‘echte wetenschap’ echter eveneens. Sla Thomas Kuhn er nog maar eens op na.
Ook op het niveau van mijn eigen vierkante meter heb ik echter mijn bedenkingen. Neem bijvoorbeeld het rijzen van de zeespiegel. Die zou tussen de 10 en 150 cm liggen, waarbij de kans op een rijzing in de richting van 20 cm of in de richting 140 cm over een periode van, zeg, 10 jaar niet bekend is. Dat maakt echter alle verschil. Op basis van dit soort onzekerheden zouden volgens de klimaatgelovers in naaste de toekomst budgetten moeten worden vrijgemaakt die elke voorstelling tarten en die daarmee alle andere prioriteiten terzijde schuiven. Nee, juist het politieke debat is broodnodig. De bal ligt bepaald niet op de middenstip. Voorlopig hebben de klimaatgelovers de overhand in het debat.
Comment from Van de Weyer Rene
Time: 11/02/2010, 14:01
Ook dit debat is een debat van voordeel zoekers voor het ik, het korte termijn denken. Tegenover zij die opkomen voor het wij, de wereld, het milieu, het lange termijn denken. Dat de politiek hierin moeilijk een keuze kan maken is aannemelijk, ze worden maar voor enkele jaren verkozen. Vooral de Jeugd zou keihard moeten ageren tegen de en politieke en eisen stellen. Echte het milieu is ieders morele, humane plicht.
Schrijf een opmerking